Grenzen aan informele hulp

In opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) een verkennend onderzoek laten uitvoeren naar opvattingen en ervaringen met informele zorg. Het onderzoek is gebaseerd op groepsgesprekken en individuele interviews die zijn uitgevoerd door Panteia. De gesprekken zijn gehouden met mantelzorgers en vrijwilligers in zorg en welzijn, ‘niet actieven’ en beroepskrachten. Ook hebben er in vijf gemeenten groepsgesprekken plaatsgevonden met personen van organisaties die betrokken zijn bij informele hulp.

Een van de bevindingen was dat de bereidheid om hulp te willen geven sterk afhangt van de aard van de relatie en de intensiteit van de hulp. Het is voor mensen vaak vanzelfsprekend om familie te helpen, wanneer ze daarvoor de mogelijkheden hebben.

Uit het onderzoek kwam ook naar voren dat mantelzorgers het gevoel hebben er alleen voor te staan. Ze vinden het moeilijk om de hulp met anderen te delen en om hulp te vragen. De beroepskrachten wijzen op het belang van goede ondersteuning, maar mantelzorgers zijn nog onvoldoende in beeld bij organisaties en gemeenten die hulp kunnen bieden. Mantelzorgers zijn zich niet altijd bewust dat ze hulp nodig hebben, zijn onbekend met het aanbod of lopen tegen bureaucratische procedures of wachtlijsten aan.

Vrijwilligers richten zich vooral op het welzijn en de kwaliteit van leven van de hulpvragers. Ze werken aanvullend op beroepskrachten. Hoewel mantelzorgers en organisaties soms sceptisch zijn over de bijdrage van de vrijwilligers, bleek uit de gesprekken dat men zeer betrokken is en de taken zeker niet licht opvat. Verder blijkt het creëren van een juiste match tussen vrijwilliger en cliënt erg belangrijk.

Rapport 'Hulp geboden'

Neem contact op

Heeft u vragen of wilt u meer informatie? We staan u graag te woord.

Bel ons op: 079-322 20 00