Veldconsultatie: Instemmingsrecht op hoofdlijnen meerjarig financieel beleid

Nadat de Raad van State aangaf de aanpassing van het adviesrecht op de hoofdlijnen van het meerjarig financieel beleid voor (G)MR in het po en vo naar een instemmingsrecht prematuur te vinden, stelde het ministerie van OCW voor Panteia en Oberon een veldconsultatie uit te laten voeren naar nut, noodzaak, timing en afbakening van het instemmingsrecht voor de praktijk.

Huidige praktijk met adviesrecht

De uitvoering van het adviesrecht op hoofdlijnen van het meerjarig financieel beleid verschilt binnen zowel het po als het vo. Dit komt doordat schoolbesturen verschillende en sommige zelfs geen documenten aan de (Gemeenschappelijke) Medezeggenschapsraad voorleggen. Het ene schoolbestuur gebruikt een (meerjaren)begroting zonder toelichting op de beleidsmatige keuzes, de ander heeft een concreet document waarin de hoofdlijnen zijn opgenomen. Als er een concreet document is, is de (G)MR daar meestal niet van op de hoogte. Echter geldt dat (G)MR-leden in zijn algemeenheid niet scherp hebben waarop zij precies advies- of instemmingsrecht hebben.

Veldconsultatie po en vo

Partijen zijn het eens dat het invoeren van een instemmingsrecht de positie van de medezeggenschap zal versterken. Het instemmingsrecht zal ervoor zorgen dat het meerjarig financieel beleid met meer aandacht en zorgvuldigheid wordt aangepakt.

Een meerderheid vindt het echter niet noodzakelijk of wenselijk om de positie van de medezeggenschap op dit punt te versterken. Mede gezien het feit dat bij een adviesrecht de wetgever heeft bepaald dat als bestuurders het advies van de (G)MR niet opvolgen er een toelichting moet komen. Deze verplichting bestaat niet bij instemmingsrechten.

Er zijn op hoofdlijnen twee argumentaties in het veld ten aanzien van nut en noodzaak van de invoering van het instemmingsrecht:

  1. Een deel van de respondenten verwacht dat invoering van het instemmingsrecht het bevoegd gezag zal stimuleren de informatievoorziening te verbeteren en de (G)MR vroegtijdiger te betrekken bij het meerjarig financieel beleid. Ook is de verwachting dat (G)MR-leden door het instemmingsrecht dit onderwerp meer gewicht zullen geven.
  2. De meeste respondenten stellen dat gegeven de huidige situatie waarin (G)MR leden weinig kennis van en affiniteit met financieel beleid hebben, het instemmingsrecht weinig tot niets bijdragen zal aan de beoogde doelen. Zij verwachten niet dat het instemmingsrecht de kans op incidenten zal verminderen. Wel treden mogelijk ongewenste neveneffecten op, zoals overlappende bevoegdheden met de PMR en de toezichthouder en de druk op interne procesgang van het financieel beleid.
Afbakening

Het adviesrecht op hoofdlijnen van het financieel meerjarig beleid is in de toelichting op het bijbehorende wetsvoorstel zeer beknopt. Bestuurders en (G)MR’s maken ook in de praktijk geen nadere afbakening. Desondanks bestaat er wel consensus over de onderwerpen die onder het adviesrecht vallen. De begroting, die wel in de memorie van toelichting wordt genoemd, verstaan betrokkenen er in ieder geval niet onder. De open omschrijving heeft in de praktijk dan ook tot weinig interpretatiegeschillen geleid.

Alternatieven en randvoorwaarden

Tot slot zijn door betrokkenen een aantal alternatieven en aanscherpingen genoemd. Het meest genoemde alternatief is het handhaven van de huidige situatie, waarin de medezeggenschap adviesrecht op hoofdlijnen van het meerjarig financieel beleid heeft. Belangrijk volgens veel partijen is dat dan wel beter wordt afgebakend welke onderwerpen behoren tot de hoofdlijnen. En dat ingezet wordt op scholing en facilitering van de medezeggenschap.

Het rapport kunt u hieronder downloaden.

Neem contact op

Heeft u vragen of wilt u meer informatie? We staan u graag te woord.

Bel ons op: 079-322 20 00